Semantius logo
Semantius
Uitspraken
ECLI:NL:HR:2026:1408

ECLI:NL:HR:2026:1408 Hoge Raad , 01-09-2026 / 24/03611
Strafrecht

Semantius verrijkingen

Samenvatting

Hoge Raad, strafkamer, nr. 24/03611 (arrest 1 september 2026). Beroep in cassatie van de verdachte, aangeduid als [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1993, tegen het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 12 september 2024 (nr. 23-003336-23).

Procesverloop: het cassatieberoep is ingesteld door de verdachte. Namens hem heeft advocaat M.I. L'Ghdas schriftelijk een cassatiemiddel ingediend. De advocaat‑generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

Beoordeling en rechtsmotivering: de Hoge Raad heeft de door de verdediging aangevoerde klachten beoordeeld en geoordeeld dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van het bestreden arrest van het hof. De Hoge Raad heeft daarbij volstaan met de conclusie dat vernietiging niet aan de orde is en heeft geen nadere motivering gegeven, omdat beantwoording van de door de verdediging opgeworpen vragen niet nodig was voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht. Hierbij is verwezen naar artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie als grondslag voor het achterwege laten van uitgebreide motivering.

Beslissing: het cassatieberoep wordt door de Hoge Raad verworpen.

Samenstelling van het gerecht: raadsheer C. Caminada (voorzitter), raadsheren C.N. Dalebout en T.B. Trotman; waarnemend griffier H.J.S. Kea. Uitgesproken in openbare terechtzitting op 1 september 2026.

Soortgelijke uitspraken

ECLI:NL:HR:2026:1407
Strafrecht
31-08-2026 95% soortgelijk
Hoge Raad der Nederlanden, Strafkamer, zaaknummer 24/03610, arrest van 1 september 2026. Het betreft een cassatieberoep van [verdachte] (geboren 1993 te [geboorteplaats]) tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 12 september...
ECLI:NL:HR:2026:746
Strafrecht
04-05-2026 94% soortgelijk
Hoge Raad der Nederlanden, Strafkamer, nr. 24/04338, arrest van 16 juni 2026. Cassatie tegen het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 14 november 2024 (nr. 23-000635-24) in de strafzaak tegen [verdachte] (geboren...
ECLI:NL:HR:2026:1419
Strafrecht
03-09-2026 93% soortgelijk
Arrest van de Hoge Raad (nummer 24/03628) van 8 september 2026 in het cassatieberoep van [verdachte] (geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum], 1991) tegen het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 26 september...
ECLI:NL:HR:2026:327
Strafrecht
27-02-2026 93% soortgelijk
Hoge Raad, Strafkamer, nr. 23/03931, arrest van 3 maart 2026. Appellant: [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1994. Bestreden arrest van het gerechtshof Amsterdam d.d. 27 september 2023, nr. 23-002667-22. Cassatie ingesteld...
ECLI:NL:HR:2026:555
Strafrecht
01-04-2026 93% soortgelijk
Hoge Raad der Nederlanden, Strafkamer, zaaknummer 24/03688, arrest van 7 april 2026. Cassatie door [verdachte] (geboren [geboorteplaats], [geboortedatum] 1990) tegen het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 1 augustus 2024 (nr. 21-001394-24)....

Tijdslijn

Er is nog door niemand een tijdslijn gegenereerd.
Log in of maak een gratis account om een tijdslijn te kunnen genereren.
Oorsponkelijke uitspraak

Inhoudsindicatie

Diefstal, art. 310 Sr. Strafmotivering (gevangenisstraf van 1 week). Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt over strafoplegging, art. 359.2 Sv. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 24/03610 en met 24/03609 (niet gepubliceerd; art. 80a RO).

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

**Nummer **24/03611

Datum1 september 2026

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 12 september 2024, nummer 23-003336-23, in de strafzaak

tegen

[verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1993, hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat M.I. L'Ghdas bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De advocaat-generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Caminada als voorzitter, en de raadsheren C.N. Dalebout en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 september 2026.