ECLI:NL:RBAMS:2026:8378 Rechtbank Amsterdam , 20-08-2026 / C/13/792088 / KG ZA 26-708 NB/EV
Samenvatting
Rechtbank Amsterdam (voorzieningenrechter), zaaknr. C/13/792088 / KG ZA 26-708 NB/EV, vonnis in kort geding van 20 augustus 2026.
Eiser: [eiser], wonende te [plaats], bijgestaan door mr. T. Hovers (advocaat). Gedaagden: aangeduid als "HEN DIE VERBLIJVEN IN DE OPSTALLEN STAANDE EN GELEGEN OP HET PERCEEL AAN DE [gedaagden]"; deze gedaagden zijn niet verschenen en verstek is verleend.
Procedurele gang van zaken: op 20 augustus 2026 verscheen eiser met mr. Hovers ter mondelinge behandeling; eiser lichtte de dagvaarding en producties toe en verzocht om vonnis. Tegen de afwezige gedaagden werd verstek verleend; het vonnis is op diezelfde dag bepaald en uitgesproken.
Vordering van eiser: eis tot ontruiming van het perceel met opstallen gelegen aan [adres], met primair bevel aan gedaagden binnen drie dagen na betekening het perceel te ontruimen, afgifte van sleutels aan eiser en het perceel ontruimd en verlaten te houden; verder een verklaring dat het vonnis ex artikel 557a Rv binnen een door de voorzieningenrechter genoemde termijn ook tegen derden die zich bij tenuitvoerlegging op het perceel bevinden of daar binnentreden uitvoerbaar kan worden gelegd; veroordeling in proceskosten.
Beoordeling en rechtsgrond: de voorzieningenrechter oordeelt dat het gevorderde niet onrechtmatig of ongegrond is en wijst de gevraagde voorzieningen toe zoals in de beslissing vermeld. Kern van de motivering: wegens het ontbreken van verweer van gedaagden (verstek) en de inhoud van de door eiser overgelegde stukken ziet de voorzieningenrechter geen reden om de vordering af te wijzen; daarom komt toewijzing voor. Gedaagden worden in het ongelijk gesteld en hoofdelijk veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
Beslissing (kernpunten):
- Gedaagden worden veroordeeld om binnen drie dagen na betekening het perceel met de opstallen aan [adres] te ontruimen, de sleutels aan eiser af te geven en het perceel ontruimd en verlaten te houden.
- Het vonnis kan ex artikel 557a Rv binnen zes maanden na uitspraak ten uitvoer worden gelegd tegen iedereen die zich bij tenuitvoerlegging op het perceel bevindt of daar binnentreedt (zodat ontruimingen ook tegen aanwezigen/nieuw binnentrekkenden uitvoerbaar zijn).
- Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van de proceskosten ten gunste van eiser, begroot op in totaal € 1.441,94, bestaande uit: kosten dagvaarding €151,94; griffierecht €341,00; salaris advocaat €760,00; nakosten €189,00 (plus de in de beslissing genoemde verhoging).
- Betaling van die proceskosten binnen veertien dagen na aanschrijving; bij niet-tijdige betaling komt daar een vermeerderen van €98 bij en de kosten van betekening indien het vonnis daarna nog betekend moet worden.
- Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Formele vermelding: het vonnis is gewezen door mr. N.C.H. Blankevoort, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E.P.M. Vos, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 20 augustus 2026.
Soortgelijke uitspraken
Tijdslijn
Inhoudsindicatie
Kort Geding. Ontruiming krakers bij verstek toegewezen.
Uitspraak
Civiel recht, voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/13/792088 / KG ZA 26-708 NB/EV
Vonnis in kort geding van 20 augustus 2026
in de zaak van
tegen
HEN DIE VERBLIJVEN IN DE OPSTALLEN STAANDE EN GELEGEN OP
HET PERCEEL AAN DE [gedaagden] ,
gedaagden, niet verschenen.
1 De procedure
Op de mondelinge behandeling van 20 augustus 2026 is eiser verschenen met mr. Hovers. Eiser heeft de dagvaarding en de bijbehorende producties toegelicht en verzocht vonnis te wijzen. Tegen de niet verschenen gedaagden is verstek verleend. Vonnis is bepaald op vandaag.
2 Het geschil
2.1. Eiser vordert – kort gezegd – om bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis gedaagden te veroordelen om, binnen drie dagen na betekening van dit vonnis, het perceel met de zich daarop bevindende opstallen aan de [adres] , te ontruimen en ontruimd te houden, met bepaling dat het vonnis op grond van artikel 557a Rv binnen een door de voorzieningenrechter genoemde termijn ook ten uitvoer gelegd zal kunnen worden tegen een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer zich dat voordoet, met veroordeling van gedaagden in de kosten van dit geding.
3 De beoordeling
3.1. Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing is vermeld.
3.2. Gedaagden zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom (hoofdelijk) de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van eiser worden begroot op:
4 De beslissing
De voorzieningenrechter
4.1. veroordeelt gedaagden om, binnen drie dagen na betekening van dit vonnis, met het hunne en de hunnen het perceel met de zich daarop bevindende opstallen aan het adres [adres] te ontruimen en onder afgifte van sleutels aan eiser ter vrije beschikking te stellen en vervolgens ontruimd en verlaten te houden, met bepaling dat het vonnis ex artikel 557a Rv binnen zes maanden na de dag waarop dit vonnis wordt uitgesproken ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer zich dat voordoet,
4.2. veroordeelt gedaagden hoofdelijk in de proceskosten van € 1.441,94, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98 plus de kosten van betekening als gedaagden niet tijdig aan deze veroordeling voldoen en het vonnis daarna wordt betekend,
4.3. verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.