Semantius logo
Semantius
Uitspraken
ECLI:NL:GHARL:2025:8786

ECLI:NL:GHARL:2025:8786 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 15-12-2025 / P26-113
Strafrecht

Semantius verrijkingen

Samenvatting

De uitspraak van het gerechtshof (kamer bedoeld in art. 67 Rv) van 23 juli 2026 betreft het hoger beroep van de terbeschikkinggestelde (geboren 1978, verblijvend in [de kliniek], [Stad]) tegen de beslissing van de rechtbank Limburg (zittingsplaats Roermond) van 10 maart 2026, waarin de TBS met verpleging van overheidswege met één jaar werd verlengd. Het hof behandelde het beroep aan de hand van de stukken uit eerste aanleg, het proces-verbaal, het verlengingsadvies (6 okt. 2025), aanvullende kliniekinformatie van 23 juni 2026 (met wettelijke aantekeningen over 16 nov. 2025–20 jun. 2026), het rapport van psychiater [psychiater] (11 nov. 2025) met aanvulling van 28 juni 2026, en mondelinge toelichting op zitting van 9 juli 2026 (advocaat-generaal mr. R.J.A. Segerink; terbeschikkinggestelde bijgestaan door raadsvrouw mr. S.C. Sassen).

Feiten en medische bevindingen

  • De terbeschikkinggestelde is bij arrest van het hof ’s-Hertogenbosch van 16 december 2005 veroordeeld voor het opzettelijk teweegbrengen van een ontploffing met gemeen gevaar en levensgevaar voor anderen; om die reden is de TBS niet in duur beperkt.
  • De kliniek en psychiatrische rapportage wijzen op een borderline persoonlijkheidsstoornis en een antisociale persoonlijkheidsstoornis met narcistische trekken; daarnaast ADHD en voorgeschiedenis van ernstige middelenproblematiek.
  • Risicotaxaties (HCR-20v3 en SAPROF) geven momenteel een laag risico op gewelddadig gedrag binnen het bestaande toezicht/ behandel kader; bij volledig wegvallen van de maatregel wordt het risico als matig ingeschat; bij een voorwaardelijke beëindiging zou het recidiverisico laag tot matig zijn.

Proceshoudingen

  • De raadsvrouw verzocht primair om verlenging van de TBS met één jaar en gelijktijdige voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege onder voorwaarden (zoals opgenomen door psychiater [psychiater] en aangevuld met voorwaarden over medewerking aan bewindvoering, time-out en buitenlandse reizen). Zij stelde dat de terbeschikkinggestelde op alle leefgebieden vooruitgang heeft geboekt en het recidiverisico aanvaardbaar is.
  • De advocaat-generaal bepleitte bevestiging van de rechtbank: wettelijke verlengingscriteria vervuld, nog recidivegevaar zonder TBS, en te vroeg voor voorwaardelijke beëindiging; adviseerde wel een maatregelenrapport voor de volgende zitting.

Oordeel en motivering van het hof

  • Het hof vernietigt de beslissing van de rechtbank omdat het tot een andere beoordeling komt over de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege en daardoor over de verlengingsduur.
  • Het hof oordeelt dat de veiligheid van anderen en de algemene veiligheid nog een voortzetting van de TBS vereisen, maar dat de terbeschikkinggestelde inmiddels zodanige voortgang heeft geboekt dat de verpleging van overheidswege voorwaardelijk kan worden beëindigd. Belangrijke feiten voor dit oordeel: inmiddels negen maanden verblijvend in [de kliniek] (ten opzichte van korte periode tijdens rechtbankzitting), positieve intake en plaatsing op wachtlijst bij RIBW [Stad], opgebouwde samenwerkingsrelatie met reclassering en IrisZorg, en dat praktisch weinig zal veranderen voor hem zolang hij op de kliniek blijft wachten op RIBW-plaatsing.
  • Omdat de verpleging voorwaardelijk wordt beëindigd, verlengt het hof de TBS met twee jaar (in plaats van één jaar).

Beslissing en voorwaarden

  • Vernietiging van het vonnis van de rechtbank (10 maart 2026).
  • Verlenging van de TBS met twee jaar.
  • Voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege onder uitvoerige voorwaarden, onder meer:
    • Geen strafbare feiten plegen.
    • Volledige medewerking aan reclasseringstoezicht (meldplicht, foto, vingerafdrukken en identiteitsbewijs, naleven aanwijzingen, huisbezoeken, geen adresverandering zonder toestemming, informatie-uitwisseling).
    • Medewerking aan een time‑out (opname in FPC of andere instelling) op verzoek van reclassering en met instemming van de terbeschikkinggestelde; maximaal 7 weken met mogelijkheid tot verlenging tot in totaal 14 weken per jaar.
    • Drugs- en alcoholverbod met urine- en ademonderzoek ter controle.
    • Begeleid wonen op [de kliniek] of RIBW/ maatschappelijke opvang conform reclassering; naleving huisregels en dagprogramma.
    • Ambulante behandeling via IrisZorg (of soortgelijke aanbieder) vanaf ingang van de voorwaardelijke beëindiging, inclusief medicatie wanneer geïndiceerd.
    • Geen reizen naar het buitenland of het Caribisch deel van het Koninkrijk zonder toestemming van de reclassering.
    • Medewerking aan bewindvoering indien geïndiceerd.
  • De terbeschikkinggestelde heeft zich bereid verklaard de voorwaarden na te leven.
  • Reclassering Nederland wordt opgedragen de terbeschikkinggestelde hulp en steun te verlenen bij naleving van de voorwaarden.

Formeel is de beslissing namens het hof uitgesproken door mr. M. Keppels (voorzitter), mr. G. Mintjes en mr. P.C. Vegter (raadsheren), met drs. A.W.T.M. Vissers en drs. H.J. Beintema als raden; uitspraak op 23 juli 2026.

Soortgelijke uitspraken

ECLI:NL:GHARL:2026:2855
Strafrecht > Penitentiair strafrecht
08-05-2026 94% soortgelijk
Het gerechtshof (kamer als bedoeld in art. 67 Rv) behandelde bij vonnis van 7 mei 2026 het beroep van [terbeschikkinggestelde] (geboren 1964, verblijvend in FPK [instelling]) tegen de beslissing van de rechtbank...
ECLI:NL:GHARL:2026:4508
Strafrecht
13-07-2026 93% soortgelijk
De zaak betreft het beroep van [terbeschikkinggestelde] (verblijf P.I. [plaats], bijgestaan door raadsvrouw mr. A.L. Louwerse) tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland‑West‑Brabant van 25 juli 2025 (impliciete afwijzing van nader onderzoek,...
ECLI:NL:GHARL:2026:5668
Strafrecht > Penitentiair strafrecht
02-09-2026 93% soortgelijk
De Kamer van het hof (artikel 67 Rv) besloot op het beroep van [terbeschikkinggestelde], geboren in 1972 te [geboorteplaats], verblijvend in de Penitentiaire Inrichting [locatie P.I.], Justitieel Centrum [plaats], onder verantwoordelijkheid van...
ECLI:NL:GHARL:2026:5608
Strafrecht
01-09-2026 93% soortgelijk
De kamer van het hof (artikel 67 Rv) heeft bij beslissing van 13 augustus 2026 beslist op het beroep van de terbeschikkinggestelde (geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum], verblijvend in [de kliniek]) tegen...
ECLI:NL:GHARL:2026:5666
Strafrecht > Penitentiair strafrecht
02-09-2026 93% soortgelijk
Het gerechtshof (zaak TBS P26/050, beslissing 9 juli 2026) heeft op het beroepschrift van het openbaar ministerie uitspraak gedaan in de zaak van de terbeschikkinggestelde (geboren 1981, wonend FPK [locatie 1] /...

Tijdslijn

Er is nog door niemand een tijdslijn gegenereerd.
Log in of maak een gratis account om een tijdslijn te kunnen genereren.
Oorsponkelijke uitspraak

Inhoudsindicatie

Vernietiging van de beslissing van de rechtbank. Het hof is van oordeel dat het gevaar voor de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen tot een zodanig aanvaardbaar niveau is teruggebracht dat beëindiging van de verpleging van overheidswege onder de in de beslissing genoemde voorwaarden kan plaatsvinden. Gelet op de omstandigheid dat de verpleging van overheidswege voorwaardelijk beëindigd zal worden, ziet het hof aanleiding om de terbeschikkingstelling te verlengen niet een termijn van twee jaar.

Uitspraak

**TBS P26/113 **

Beslissing van 23 juli 2026

De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van

[de terbeschikkinggestelde] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1978, verblijvende in [de kliniek] , te [Stad] (hierna: de kliniek), verder te noemen de terbeschikkinggestelde.

Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, van 10 maart 2026. Deze beslissing houdt in de verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van één jaar.

Het hof heeft gelet op dezelfde stukken als de rechtbank en daarnaast op:

  • het proces-verbaal van het onderzoek in eerste aanleg;
  • de beslissing waarvan beroep;
  • de akte van 16 maart 2026 waarbij de terbeschikkinggestelde beroep heeft ingesteld;
  • de aanvullende informatie van de kliniek van 23 juni 2026, met als bijlage de wettelijke aantekeningen over de periode van 16 november 2025 tot 20 juni 2026;
  • het e-mailbericht van de raadsvrouw van 2 juli 206, inclusief bijlagen;
  • de aanvulling van psychiater [psychiater] van 28 juni 2026 op zijn rapportage van 11 november 2025. Het hof heeft ter zitting van 9 juli 2026 gehoord de advocaat-generaal, mr. R.J.A. Segerink, en de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. S.C. Sassen, advocaat te Utrecht.

Overwegingen

Het standpunt van de terbeschikkinggestelde

De raadsvrouw heeft primair verzocht de terbeschikkingstelling te verlengen met een termijn van één jaar en de verpleging van overheidswege voorwaardelijk te beëindigen. Aan de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege kunnen de voorwaarden worden gekoppeld zoals door psychiater [psychiater] opgenomen in zijn rapport, aangevuld met voorwaarden over de medewerking aan bewindvoering, een time-out en de bezoeken aan het buitenland. De terbeschikkinggestelde heeft op alle leefgebieden laten zien dat hij klaar is om de volgende stap te zetten en het recidiverisico is tot een aanvaardbaar niveau verlaagd. Subsidiair heeft de raadsvrouw verzocht de zaak aan te houden om aan de reclassering de opdracht te geven een maatregelenrapport op te stellen.

Het standpunt van het openbaar ministerie

De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot bevestiging van de beslissing van de rechtbank. Er is voldaan aan de wettelijke criteria voor de verlenging van de terbeschikkingstelling. Er is sprake van stoornissen en zonder het kader van de terbeschikkingstelling wordt er nog recidivegevaar gezien. In het verleden zijn al veel resocialisatiepogingen gedaan. Daarom is het verstandig om niet overhaast te werk te gaan. De terbeschikkinggestelde moet goed ingebed zijn in het contact met de reclassering, de ambulante behandeling en de woonvorm waar hij kan verblijven. Hij staat nog op de wachtlijst van de RIBW. Het contact met de begeleiding verloopt op dit moment goed, maar dit contact is nog kwetsbaar. De advocaat-generaal acht een voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege op dit moment nog te vroeg, maar vindt het wel passend om voor de volgende verlengingszitting een maatregelenrapport op te laten stellen.

Het oordeel van het hof

Het hof zal de beslissing van de rechtbank vernietigen omdat het tot een andere beslissing komt over de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege en daarmee ook over de duur van de verlenging van de termijn van de terbeschikkingstelling.

Het hof stelt vast dat de terbeschikkinggestelde bij arrest van het gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch van 16 december 2005 onder meer is veroordeeld voor het opzettelijk een ontploffing teweegbrengen, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar voor een ander te duchten is. Dit is een misdrijf dat is gericht tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. De terbeschikkingstelling is daarom niet in duur beperkt.

Uit het verlengingsadvies van 6 oktober 2025 en de aanvullende informatie van de kliniek van 23 juni 2026 blijkt dat bij de terbeschikkinggestelde sprake is van een borderline persoonlijkheidsstoornis en een antisociale persoonlijkheidsstoornis met narcistische trekken. Daarnaast is sprake van ADHD en een voorgeschiedenis van ernstige middelenproblematiek.

Verder leidt volgens de kliniek de meest recente risicotaxatie, uitgevoerd aan de hand van de HCR-20v3 en de SAPROF, tot de conclusie dat het risico op gewelddadig gedrag binnen het huidige kader van begeleiding, toezicht en behandeling laag wordt ingeschat. Bij het wegvallen van de maatregel wordt het risico op gewelddadig gedrag als matig ingeschat. In geval van een voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege wordt het recidiverisico als laag tot matig beoordeeld.

Gelet op de adviezen van de kliniek en de andere omstandigheden die op de zitting naar voren zijn gekomen, waaronder de rapportages van psychiater [psychiater] , is het hof van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen verlenging van de terbeschikkingstelling eist.

Voorts wordt overwogen dat de terbeschikkinggestelde al langer naar tevredenheid van de kliniek functioneert. Er is sprake van een positieve ontwikkeling. Ten tijde van de zitting bij de rechtbank verbleef de terbeschikkinggestelde nog maar kort bij [de kliniek] . Binnen [de kliniek] zal beoordeeld worden hoe de terbeschikkinggestelde omgaat met toenemende vrijheden en minder intensieve begeleiding dan binnen de longcare. Indien de positieve ontwikkeling zich op [de kliniek] voortzet, zal gekoerst worden richting een begeleid woonvoorziening. De rechtbank concludeerde dat het voor een voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege nog nét (enkele maanden) te vroeg was omdat de terbeschikkinggestelde pas korte tijd heeft kunnen laten zien dat hij met meer vrijheden kan omgaan. Uit het proces-verbaal van de zitting bij de rechtbank van 24 februari 2026 blijkt dat aldaar namens de kliniek is aangegeven dat als er enigszins zicht is op de vervolgplek voor de terbeschikkinggestelde en er zekerheid is dat hij op termijn naar een RIBW kan verhuizen, de verpleging van overheidswege voorwaardelijk beëindigd kan worden.

Inmiddels is het vier maanden later en verblijft de terbeschikkinggestelde negen maanden op [de kliniek] . Hij heeft de intakeprocedure bij RIBW [Stad] met positief resultaat doorlopen en is inmiddels op de wachtlijst geplaatst voor diverse locaties binnen de RIBW [Stad] . De terbeschikkinggestelde heeft belangrijke stappen gezet op het gebied van resocialisatie. Er is gebouwd aan een samenwerkings- en behandelrelatie met de reclassering en IrisZorg, waarmee de blijvende begeleiding wordt gewaarborgd in het kader van de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege. De terbeschikkinggestelde kan in het kader van de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege blijven wonen op [de kliniek] in afwachting van zijn plaatsing bij de RIBW. In praktisch opzicht zal er daarom vrijwel niets voor de terbeschikkinggestelde veranderen, ook niet wat betreft werk, vrijetijdsbesteding, netwerk en financieel beheer. Hoewel de kliniek het op 23 juni 2026 nog net te vroeg vindt, is het hof – met de raadsvrouw – van oordeel dat het gevaar voor de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen tot een zodanig aanvaardbaar niveau is teruggebracht dat beëindiging van de verpleging van overheidswege onder de hierna te noemen voorwaarden kan plaatsvinden.

Het hof neemt hierbij de voorwaarden op zoals psychiater [psychiater] heeft opgenomen in zijn rapport. Daarnaast voegt het hof voorwaarden toe over het vaststellen van zijn identiteit, de medewerking aan medicatie en bewindvoering, een time-out en eventuele bezoeken aan het buitenland. De terbeschikkinggestelde heeft bij de behandeling van het beroep zich bereid verklaard de voorwaarden na te leven.

Gelet op het de omstandigheid dat de verpleging van overheidswege voorwaardelijk beëindigd zal worden, ziet het hof aanleiding om de terbeschikkingstelling te verlengen met een termijn van twee jaar.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt de beslissing van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, van 10 maart 2026 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde [de terbeschikkinggestelde];

Verlengt de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar.

Beëindigt de verpleging van overheidswege en stelt daarbij de volgende voorwaarden:

Geen strafbaar feit plegen

De terbeschikkinggestelde maakt zich niet schuldig aan een strafbaar feit.

Meewerken aan reclasseringstoezicht

De terbeschikkinggestelde werkt mee aan het reclasseringstoezicht. Deze medewerking houdt onder andere in:

  • De terbeschikkinggestelde meldt zich op afspraken bij de reclassering. De reclassering bepaalt hoe vaak dat nodig is.
  • De terbeschikkinggestelde laat een of meer vingerafdrukken nemen en laat een geldig identiteitsbewijs zien. Dit is nodig om de identiteit van de terbeschikkinggestelde vast te stellen.
  • De terbeschikkinggestelde houdt zich aan de aanwijzingen van de reclassering. De reclassering kan aanwijzingen geven die nodig zijn voor de uitvoering van het toezicht of om de terbeschikkinggestelde te helpen bij het naleven van de voorwaarden.
  • De terbeschikkinggestelde helpt de reclassering aan een actuele foto waarop zijn gezicht herkenbaar is. Deze foto is nodig voor opsporing bij ongeoorloofde afwezigheid.
  • De terbeschikkinggestelde werkt mee aan huisbezoeken.
  • De terbeschikkinggestelde geeft de reclassering inzicht in de voortgang van begeleiding en/of behandeling door andere instellingen of hulpverleners.
  • De terbeschikkinggestelde vestigt zich niet op een ander adres zonder toestemming van de reclassering.
  • De terbeschikkinggestelde werkt mee aan het uitwisselen van informatie met personen en instanties die contact hebben met de terbeschikkinggestelde, als dat van belang is voor het toezicht.

Meewerken aan time-out

Als de reclassering dat nodig vindt en de terbeschikkinggestelde daarmee instemt, kan de terbeschikkinggestelde voor een time-out worden opgenomen in een Forensisch Psychiatrisch Centrum (FPC) of andere instelling. Deze time-out duurt totdat de reclassering of de terbeschikkinggestelde deze beëindigt, maar maximaal zeven weken, met de mogelijkheid van verlenging met nog eens maximaal zeven weken, tot maximaal veertien weken per jaar.

Drugsverbod

De terbeschikkinggestelde gebruikt geen drugs, tenzij dit anders is afgesproken met de behandelaren van zorginstelling en de reclassering, en werkt mee aan controle op dit verbod. De controle gebeurt met urineonderzoek. De reclassering bepaalt hoe vaak de terbeschikkinggestelde wordt gecontroleerd.

Alcoholverbod

De terbeschikkinggestelde gebruikt geen alcohol, en werkt mee aan urineonderzoek en ademonderzoek (blaastest) om dit alcoholverbod te controleren. De reclassering bepaalt met welke controlemiddelen en hoe vaak de terbeschikkinggestelde wordt gecontroleerd.

Begeleid wonen of maatschappelijke opvang

De terbeschikkinggestelde verblijft bij de [de kliniek] te [Stad] of een instelling voor beschermd wonen (RIBW) of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. Het verblijf duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. De terbeschikkinggestelde houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering heeft opgesteld.

Ambulante behandeling

De terbeschikkinggestelde laat zich behandelen door IrisZorg of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De behandeling start zo snel mogelijk na het ingaan van de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege. De behandeling duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. De terbeschikkinggestelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling. Gelet op de problematiek kan hieronder ook het innemen van medicijnen vallen, als de zorgverlener dat nodig vindt.

Niet naar het buitenland

De terbeschikkinggestelde gaat niet naar het buitenland of het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden, zonder toestemming van de reclassering.

Bewindvoering

De terbeschikkinggestelde zal indien geïndiceerd meewerken aan bewindvoering.

Draagt Reclassering Nederland op de terbeschikkinggestelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te verlenen.

Aldus gedaan door mr. M. Keppels, voorzitter, mr. G. Mintjes en mr. P.C. Vegter, raadsheren, en drs. A.W.T.M. Vissers en drs. H.J. Beintema, raden, in tegenwoordigheid van mr. R. Kaatman en J. Kuipers, griffiers, en op 23 juli 2026 in het openbaar uitgesproken.

De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.