ECLI:NL:RBAMS:2019:2200 Rechtbank Amsterdam , 25-03-2019 / 7295658 CV EXPL 18-23423
Samenvatting
Op 25 maart 2019 heeft de kantonrechter van de Rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een geschil tussen Vitalizee Vastgoed B.V. (eiseres) en een gedaagde partij die betrokken was bij de organisatie van een veiling. Vitalizee had een bod gedaan op een speedboot, maar was van mening dat de trailer die op de foto's stond afgebeeld ook bij de koop hoorde. De gedaagde partij stelde echter dat de trailer niet inbegrepen was, omdat dit niet expliciet in de omschrijving van het kavel stond vermeld.
De feiten van de zaak zijn als volgt: Vitalizee deed een bod van € 6.800 op kavel nummer 4, dat werd geaccepteerd. Na de veiling ontving Vitalizee een pro forma koopovereenkomst met een totaalbedrag van € 9.544,48, inclusief opgeld en BTW. Vitalizee heeft het bedrag betaald, maar na een e-mailwisseling waarin de gedaagde bevestigde dat de trailer niet bij de speedboot hoorde, ontstond er onenigheid. Vitalizee stelde dat zij had gedwaald en dat er geen wilsovereenstemming was, omdat zij ervan uitging dat de trailer bij de speedboot inbegrepen was.
De kantonrechter oordeelde dat er wel degelijk een overeenkomst tot stand was gekomen. Vitalizee had een bod gedaan op de speedboot, en de gedaagde mocht dit bod interpreteren als een bod op de speedboot zonder trailer. De rechter wees erop dat Vitalizee niet had gebruikgemaakt van de mogelijkheid om de kijkdag te bezoeken, waar zij vragen had kunnen stellen over de kavel. Dit kwam voor haar rekening.
Daarnaast werd het beroep van Vitalizee op dwaling afgewezen. De rechter oordeelde dat Vitalizee niet mocht vertrouwen op de veronderstelling dat de trailer bij de speedboot hoorde, gezien de verschillende omschrijvingen van de kavels. Het ontbreken van de tekst ‘zonder trailer’ in de omschrijving maakte niet dat Vitalizee recht had op de trailer.
Uiteindelijk werd de vordering van Vitalizee afgewezen en werd zij veroordeeld in de proceskosten van de gedaagde partij, die op € 720,00 werden begroot. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Soortgelijke uitspraken
Tijdslijn
Inhoudsindicatie
Een bedrijf dat een speedboot kocht op een veiling, kan niet onder de koop uit en krijgt geen geld terug.
Uitspraak
vonnis
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht
zaaknummer: 7295658 CV EXPL 18-23423 vonnis van: 25 maart 2019
vonnis van de kantonrechter
I n z a k e
de besloten vennootschap Vitalizee Vastgoed B.V. gevestigd te Noordwijkerhout eiseres nader te noemen: Vitalizee gemachtigde: mr. D.G. Lasschuit
t e g e n
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
De kantonrechter gaat uit van de volgende processtukken en proceshandelingen:
- de dagvaarding van 15 oktober 2018 met producties;
- de conclusie van antwoord, met producties;
- het instructievonnis;
- de dagbepaling comparitie.
De comparitie heeft plaatsgevonden op 21 februari 2019. Voor Vitalizee is de heer [naam 1] verschenen, vergezeld door de gemachtigde. Voor [gedaagde] is de heer [naam 2] verschenen, vergezeld door de gemachtigde. Partijen zijn gehoord en hebben vragen van de kantonrechter beantwoord. Ten slotte is vonnis gevraagd en is een datum voor vonnis bepaald.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Feiten
1. Als gesteld en niet (voldoende) weersproken staat het volgende vast:
1.1. [gedaagde] houdt zich bezig met de organisatie van veilingen van roerende en onroerende zaken. In dat kader heeft zij op 11 september 2018 een openbare veiling georganiseerd van sloepen, speedboten en watersportbenodigdheden.
1.2. Op de veiling zijn de algemene voorwaarden van [gedaagde] van toepassing. Daarin staat de volgende definitie:
1.3. Voor het overige bevatten deze algemene voorwaarden, voor zover relevant, de volgende bepalingen:
1.4. Op de lijst met kavels staan verschillende speedboten. Deze hebben als omschrijving
1.5. [gedaagde] heeft een kijkdag georganiseerd, Vitalizee heeft niet van deze mogelijkheid gebruik gemaakt.
1.6. Vitalizee heeft een bod gedaan op kavel nummer 4, met als omschrijving
1.7. Vitalizee is vervolgens in de gelegenheid gesteld de boot op 18 september 2018 tussen 09.00 en 16.00 uur op te halen.
1.8. Op 14 september 2018 heeft Vitalizee telefonisch contact opgenomen met [gedaagde] . Naar aanleiding van dit telefonisch contact heeft [gedaagde] de volgende e-mail aan Vitalizee gestuurd:
1.9. In reactie daarop heeft Vitalizee een e-mail aan [gedaagde] teruggestuurd:
1.10. Partijen hebben hier vervolgens verschillende e-mails over gewisseld maar hebben hun geschil niet in onderling overleg weten op te lossen. Op 17 september 2018 heeft Vitalizee een e-mail aan [gedaagde] gestuurd waarin zij een beroep op dwaling doet.
1.11. [gedaagde] heeft Vitalizee vervolgens nog een laatste mogelijkheid geboden om de boot op te komen halen op 24 september 2018 tussen 09.00 en 12.00 uur. In deze e-mail heeft zij Vitalizee ook gewaarschuwd dat zij zich genoodzaakt ziet de koopovereenkomst te ontbinden als Vitalizee de boot niet komt ophalen. Vitalizee heeft de boot niet opgehaald.
1.12. Op 15 oktober 2018 is de dagvaarding aan [gedaagde] betekend. [gedaagde] heeft op 26 oktober 2018 aangeboden om, onverplicht, de op de foto afgebeelde trailer om niet met de boot mee te leveren. Vitalizee is hier niet mee akkoord gegaan.
Vordering
2. Vitalizee vordert, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, een verklaring voor recht dat tussen partijen geen koopovereenkomst tot stand is gekomen, althans dat de tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst op grond van dwaling rechtsgeldig is vernietigd. Voorts vordert Vitalizee dat [gedaagde] veroordeeld zal worden tot betaling van € 10.575,71, bestaande uit de koopsom van € 9.544,48 en de buitengerechtelijke kosten ad € 1.031,23, inclusief btw, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.
3. Vitalizee stelt hiertoe, samengevat en zakelijk weergegeven, dat ter zake de koop van uitsluitend de speedboot geen wilsovereenstemming bestond. Immers was de wil van Vitalizee erop gericht een speedboot
Verweer
5. [gedaagde] heeft aangevoerd, samengevat en zakelijk weergegeven, dat wel een overeenkomst tot stand is gekomen en dat Vitalizee geen beroep op dwaling toekomt. De wil van Vitalizee was er wel op gericht de speedboot (zonder trailer) te verkrijgen, dat heeft zij immers verklaard middels haar bieding op de speedboot, terwijl uit de advertentie blijkt dat het gaat om een speedboot, dus niet ‘speedboot met trailer’. Een speedboot en trailer zijn ook twee afzonderlijke roerende zaken. Vitalizee heeft voorts geen gebruik gemaakt van de vooraf georganiseerde kijkdag om de boot te onderzoeken en vragen te stellen. Dat komt voor haar rekening. [gedaagde] komt bovendien een beroep toe op het gerechtvaardigd vertrouwen zoals omschreven in art. 3:35 BW.
6. Voor wat betreft de subsidiaire grondslag, vernietiging van de overeenkomst op grond van dwaling, voert [gedaagde] aan dat, volgens de algemene gebruikersvoorwaarden van [gedaagde] , de overeenkomst tot stand komt door toewijzing van een kavel aan de hoogste bieder. Dat is gebeurd, zodat de eigendomsoverdracht en risico-overgang van de speedboot op 11 september 2018 heeft plaatsgevonden. Daarna is ontbinding of vernietiging van de koopovereenkomst niet meer mogelijk, dat is uitgesloten in de voorwaarden. Voor zover vernietiging van de koopovereenkomst niet contractueel is uitgesloten, voert [gedaagde] aan dat van dwaling op grond van een onjuiste inlichting zijdens [gedaagde] geen sprake is. Indien daar wel sprake van is dan verzoekt [gedaagde] om de koopovereenkomst te wijzigen in die zin dat [gedaagde] de trailer er alsnog ‘om niet’ bij levert.
Beoordeling
7. Vaststaat dat Vitalizee een bod heeft gedaan op kavel 4, welk bod door [gedaagde] is aanvaard. Uitgangspunt daarbij is dat een rechtshandeling een op een rechtsgevolg gerichte wil vereist, die zich door een verklaring heeft geopenbaard. Vitalizee heeft door het doen van dit bod verklaard dat hij het kavel, kavel 4, heeft willen aanschaffen, welk kavel door [gedaagde] werd verkocht en door [gedaagde] aan Vitalizee werd toegewezen. Daarmee is reeds sprake van wilsovereenstemming met betrekking tot de koop van kavel 4. Dat Vitalizee zich niet (voldoende) heeft vergewist van wat kavel 4 daadwerkelijk omvatte, doet daar niet aan af. Voorts blijkt ook nergens uit dat de wil van Vitalizee gericht was op het aanschaffen van een speedboot mét trailer. Echter, ook in het geval de wil van Vitalizee niet gericht was op het aanschaffen van de speedboot zonder trailer geldt dat een geldige overeenkomst tot stand is gekomen; gezien alle omstandigheden komt [gedaagde] in dat geval een beroep toe op artikel 3:35 BW. Met andere woorden, [gedaagde] mocht het bod van Vitalizee, in de gegeven omstandig-heden, opvatten als een bod op kavel 4, de speedboot, zodat Vitalizee (ook) geen beroep toekomt op het ontbreken van wilsovereenstemming. 8. Subsidiair stelt Vitalizee dat haar een beroep op dwaling, en in het verlengde daarvan vernietiging van de overeenkomst, toekomt. Daaraan heeft zij ten grondslag gelegd dat zij gedwaald heeft omdat de overeenkomst tot stand is gekomen wegens een onjuiste mededeling zijdens [gedaagde] . Dit standpunt wordt niet gevolgd. Mede gezien de verschillende omschrijvingen van de kavels mocht Vitalizee er niet op vertrouwen dat het enkele ontbreken van de tekst ‘zonder trailer’ bij de omschrijving van het kavel als ‘speedboot’ betekende dat de trailer dus mét de speedboot zou worden geleverd. Daarbij komt dat Vitalizee ook niet van de gelegenheid gebruik heeft gemaakt om de kijkdag te bezoeken en daar vragen te stellen en [gedaagde] bovendien, behoudens de omschrijving als ‘speedboot’, in het geheel geen mededelingen heeft gedaan omtrent het kavel en de trailer. Het enkele feit dat Vitalizee het kavel heeft opgevat als zijnde een speedboot met trailer maakt niet dat zij heeft gedwaald als achteraf blijkt dat de trailer niet bij het kavel behoort. Het beroep op dwaling wordt derhalve afgewezen.
9. Het voorgaande betekent dat de overeenkomst in stand blijft en de vordering van Vitalizee wordt afgewezen. Vitalizee wordt als de in het ongelijk gestelde partij met de proceskosten belast.
BESLISSING
De kantonrechter:
wijst de vordering af;
veroordeelt Vitalizee in de proceskosten die aan de zijde van [gedaagde] tot op heden begroot worden op € 720,00 aan salaris van de gemachtigde, voor zover van toepassing, inclusief btw;
verklaart de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.V. Ulrici, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 25 maart 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.