ECLI:NL:GHARL:2026:5777 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 08-09-2026 / 200.364.852/01
Samenvatting
Partijen en procedure [appellant] (bijgestaan door mr. F.J.M. van Rossem) is in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de kantonrechter te Assen van 28 oktober 2025. Gegadigde is Handelsonderneming Veso B.V. te Emmen (hierna: Veso). In hoger beroep is Veso niet verschenen; tegen haar is verstek verleend. Het gerechtshof Arnhem‑Leeuwarden, locatie Leeuwarden, heeft het arrest op 8 september 2026 gewezen.
Feiten en vorderingen [appellant] kocht in 2023 van Veso een gebruikte Mercedes (bouwjaar 2005) met een op dat moment naar schatting circa 192.000 km op de teller, voor een koopprijs van € 7.000. [appellant] stelt dat de werkelijke kilometerstand bij verkoop aanzienlijk hoger was en dat Veso daarvan op de hoogte was maar niet heeft bekendgemaakt. Bij de kantonrechter vorderde hij ontbinding van de koop wegens gebreken/bedrog en betaling van in totaal € 12.538,35 met rente en kosten; die vorderingen zijn door de kantonrechter afgewezen.
In hoger beroep wijzigde [appellant] zijn eis in de memorie van grieven. Primair vordert hij vernietiging van de koopovereenkomst wegens bedrog of dwaling en terugbetaling van de koopprijs van € 7.000, alsmede vergoeding van onderhoudskosten € 3.234,35, motorrijtuigenbelasting € 1.552,- en een verzekeringspremie van € 752,-, vermeerderd met wettelijke rente (artikel 6:119 BW) vanaf 2 januari 2025. Subsidiair vordert hij ontbinding van de koop wegens non‑conformiteit met dezelfde vergoedingen en proceskosten.
Juridische beoordeling door het hof Het hof merkt op dat [appellant] zijn eis in hoger beroep heeft gewijzigd, maar dat uit de processtukken niet blijkt dat die wijziging aan Veso is betekend. Tegen een partij die in hoger beroep niet is verschenen is in principe geen verandering of vermeerdering van eis toegestaan (artikel 130 lid 3 en artikel 353 lid 1 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering). Dit verbod heeft tot doel te voorkomen dat de niet‑verschenen geïntimeerde wordt veroordeeld voor iets waarvan hij geen weet heeft en niet kan weten waarom het wordt gevorderd.
Beslissing en gevolg Het hof stelt [appellant] daarom in de gelegenheid om zijn gewijzigde eis alsnog aan Veso te betekenen. De zaak is verwezen naar de rol van 6 oktober 2026 voor overleg van het betekeningsexploot. Iedere verdere beslissing is aangehouden. Het arrest is gewezen door mrs. J.H. Kuiper, M.M.A. Wind en H. de Hek en ter openbare uitspraak medegedeeld met rolraadsheer en griffier.
Kernpunten
- Partijen: [appellant] (eiser‑appellant) versus Handelsonderneming Veso B.V. (gedaagde, niet verschenen).
- Geschil: klacht over vermeende kilometerfraude en vordering tot terugbetaling koopprijs en bijkomende kosten; primaire grondslag vernietiging wegens bedrog/dwaling, subsidiair ontbinding wegens non‑conformiteit.
- Procesrechtelijk relevant: wijziging van eis in hoger beroep is jegens een niet‑verschenen geïntimeerde niet toelaatbaar zonder betekening; hof gaf gelegenheid om alsnog te betekenen en vroeg bewijs van betekening uiterlijk bij rolzitting van 6 oktober 2026.
Soortgelijke uitspraken
Tijdslijn
Inhoudsindicatie
Verstek. Appellant krijgt de gelegenheid zijn gewijzigde eis alsnog aan geïntimeerde te betekenen.
Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
locatie Leeuwarden
afdeling civiel recht
zaaknummer gerechtshof 200.364.852/01 zaaknummer rechtbank Noord-Nederland, zittingsplaats Assen 11491349
arrest van 8 september 2026
in de zaak van
die woont in [woonplaats] advocaat: mr. F.J.M. van Rossem
en
**Handelsonderneming Veso B.V. (Veso) **
die is gevestigd in Emmen niet verschenen
1 Het verloop van de procedure in hoger beroep
1.1 [appellant] heeft hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof (hierna: het hof) tegen het vonnis dat de kantonrechter in de rechtbank Noord-Nederland, zittingsplaats Assen, (hierna: de kantonrechter) op 28 oktober 2025 tussen partijen heeft uitgesproken. Het verloop van de procedure in hoger beroep blijkt uit: • de dagvaarding in hoger beroep • de memorie van grieven
1.2 Veso is in hoger beroep niet verschenen en tegen haar is verstek verleend. Het hof heeft het arrest bepaald op heden.
2 De toelichting op de beslissing van het hof
2.1 Veso exploiteert een autohandel/garagebedrijf. In 2023 heeft [appellant] van Veso een gebruikte personenauto gekocht van het merk Mercedes met bouwjaar 2005 en met een kilometerstand van ongeveer 192.000 voor € 7.000, -. Volgens [appellant] was de werkelijke kilometerstand ten tijde van de verkoop veel hoger en was Veso daarvan op de hoogte maar heeft Veso daarover aan hem geen mededeling gedaan.
2.2 [appellant] heeft bij de kantonrechter ontbinding van de koopovereenkomst gevorderd en veroordeling van Veso tot betaling van € 12.538,35 met rente en kosten.
2.3 De kantonrechter heeft deze vorderingen afgewezen.
2.4 [appellant] heeft zijn vordering in de dagvaarding in hoger beroep als volgt geformuleerd:
“
2.5 In het petitum van de memorie van grieven vordert [appellant] dat het hof het vonnis van de kantonrechter vernietigt en dat het hof opnieuw rechtdoende:
- de koopovereenkomst tussen partijen vernietigt wegens bedrog, althans dwaling;
- Veso veroordeelt om aan [appellant] de koopprijs van € 7.000, - terug te betalen;
- Veso veroordeelt om aan [appellant] te betalen de onderhoudskosten van € 3.234,35, motorrijtuigenbelasting van € 1.552, - en een verzekeringspremie van € 752, -;
- de vorderingen onder 1 en 2 (naar het hof begrijpt: de vorderingen onder 2 en 3) te vermeerderen met de wettelijke rente van artikel 6:119 BW vanaf de dag van dagvaarding in eerste aanleg, te weten 2 januari 2025, tot het moment waarop algehele betaling heeft plaatsgevonden;
- de koopovereenkomst ontbindt wegens non-conformiteit;
- Veso veroordeelt om aan [appellant] de koopprijs van € 7.000, - terug te betalen;
- Veso veroordeelt om aan [appellant] te betalen de onderhoudskosten van € 3.234,35, motorrijtuigenbelasting van € 1.552, - en een verzekeringspremie van € 752, -;
- Veso veroordeelt in de proceskosten van beide instanties, vermeerderd met de nakosten en wettelijke rente.
2.6 [appellant] heeft in zijn memorie van grieven dus zijn eis gewijzigd. Niet gesteld of gebleken is dat Beck de eiswijziging aan Veso heeft betekend.
2.7 Tegen een niet in het geding verschenen geïntimeerde is een verandering of vermeerdering van eis in beginsel niet toegestaan (artikel 130 lid 3 en artikel 353 lid 1 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering). Voorkomen moet immers worden dat de niet-verschenen geïntimeerde tot iets kan worden veroordeeld waarvan hij niet weet en niet kan weten dat en waarom het is gevorderd.
2.8 Het hof zal [appellant] daarom in de gelegenheid stellen zijn gewijzigde eis alsnog aan Veso te betekenen.
2.9 De zaak zal naar de rol van 6 oktober 2026 worden verwezen voor het overleggen van het betekeningsexploot.
3 De beslissing
Het hof:
3.1 stelt [appellant] in de gelegenheid zijn gewijzigde eis alsnog te betekenen aan Veso;
3.2 verwijst de zaak naar de rol van 6 oktober 2026 voor het overleggen van een betekeningsexploot door [appellant] ;
3.3 houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. J.H. Kuiper, M.M.A. Wind en H. de Hek en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 8 september 2026.